Posts

Er worden posts getoond met het label 1/80

Uitspraak: Turkse kleermaker krijgt geen tewerkstellingsvergunning ondanks zijn werk voor Oger

ECLI:NL:RVS:2016:1730 Instantie Raad van State Datum uitspraak 22-06-2016 Datum publicatie 22-06-2016 Zaaknummer 201507397/1/V6 Rechtsgebieden Vreemdelingenrecht Bijzondere kenmerken Hoger beroep Inhoudsindicatie Bij besluit van 17 juni 2014 heeft de Raad van Bestuur een aanvraag van de vennootschap om verlening van een tewerkstellingsvergunning (hierna: twv) voor [appellant B] (hierna: de aanvraag), afgewezen. Vindplaatsen Rechtspraak.nl Uitspraak 201507397/1/V6. Datum uitspraak: 22 juni 2016 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak op het hoger beroep van: [appellante A] (hierna: de vennootschap), gevestigd te [plaats], en [appellant B], wonend te [woonplats], appellanten, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam, van 24 augustus 2015 in zaak nr. 15/7884 in het geding tussen: appellanten en de Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemers...

Ongewenstverklaring voor een Turk (uitspraak Raad van State)

LJN: BM6855, Raad van State , 200906729/1/V1 Datum uitspraak: 27-05-2010 Datum publicatie: 07-06-2010 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Associatiebesluit 1/80 / standstill bepaling / norm ongewenstverklaring De staatssecretaris heeft in de grief terecht aangevoerd dat de rechtbank niet heeft onderkend dat toepassing van de norm die gold op 1 april 2001 in dit geval eveneens tot ongewenstverklaring leidt, zodat de door de rechtbank bedoelde aanscherping voor de beoordeling van het besluit van 9 september 2008 reeds hierom geen betekenis heeft. Uit onder meer het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 17 september 2009, C-242/06, Sahin (punten 62 tot en met 65; www.curia.europa.eu), volgt dat voor de vraag of sprake is van een nieuwe beperking in de zin van artikel 13 van Besluit nr. 1/80 in ieder geval van belang is of de ten tijde van het besluit van 9 september 2008 geldende norm voor ongewenstverkla...

Opheffing ongewenstverklaring Turk en besluit 1/80 (uitspraak)

LJN: BM1128, Rechtbank 's-Gravenhage , zittingsplaats Rotterdam , 09/5995 Datum uitspraak: 15-01-2010 Datum publicatie: 14-04-2010 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Eerste aanleg - enkelvoudig Inhoudsindicatie: ‘(…) Het betoog van eiser, dat uit de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen kan worden afgeleid, dat ook bij de beoordeling van een aanvraag tot opheffing van de ongewenstverklaring van een Turks onderdaan, die op het moment van ongewenstverklaring verblijfsrechten kon ontlenen aan Besluit 1/80, moet worden uitgegaan van het toetsingskader dat geldt voor een verzoek tot opheffing van een besluit tot verwijdering van een gemeenschapsonderdaan, slaagt. Het antwoord op de vraag of eiser als gevolg van de ongewenstverklaring nog steeds verblijfsrechten kan ontlenen aan Besluit 1/80 is daarbij, anders dan verweerder betoogt, niet relevant; beslissend is immers of eiser op het moment van ongewenstverklaring die verblijfsrechten had...

Uitspraak over Turkse getrouwd met Turkse Nederlander die vergat haar verblijfvsergunning te verlengen en zich nu met succes op 1/80 van het Associatieverdrag beroept waardoor er geen verblijfsgat meer is en ze een vergunning voor onbepaalde tijd kan krijgen (uitspraak)

LJN: BL5445, Rechtbank Middelburg , Awb 09/25119 Datum uitspraak: 18-02-2010 Datum publicatie: 24-02-2010 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Eerste aanleg - enkelvoudig Inhoudsindicatie: verblijfsvergunning regulier onbepaalde tijd, verblijfsgat, besluit 1/80, zelf voorzien De rechtbank overweegt het volgende. 4. Niet in geschil is dat eiseres niet tijdig verlenging van haar verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd heeft aangevraagd en dat dit haar is toe te rekenen. In geschil is of eiseres in de periode tussen de afloop van de geldigheidsduur van haar verblijfsvergunning en de datum van indiening van haar verlengingsaanvraag, het tijdvak van 8 november 2008 tot 21 november 2008, rechtmatig verblijf had op grond van artikel 7 van Besluit 1/80, met als gevolg dat zij in aanmerking kon komen voor een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd. 5. Ter zitting heeft eiseres betoogd dat het door haar gestelde verblijfsrecht ingevolge artikel 7 van Be...

Cursus: De rechtspositie van Turkse onderdanen en hun gezinsleden volgens het EU-recht

Deze cursus wordt gehouden op de volgende datum/data: 09/04/2010 - om in te schrijven klik hier. Praktische informatie Datum: 9 april 2010 (09:45-16:30) Prijs: € 499,00 Plaats: Utrecht Opleidingspunten Advocatuur: PO 5 Juridisch Maximaal aantal deelnemers: 25 Bevoorrechte niet-EU-onderdanen Een specifieke groep vreemdelingen die dankzij het Europese recht een bevoorrechte positie heeft, is die van de onderdanen van Turkije en hun gezinsleden. Zij ontlenen aan het Besluit 1/80, dat door de Associatieraad is gesloten op grond van Associatieovereenkomst EG-Turkije, een rechtens afdwingbaar voorwaardelijk recht op het verrichten van arbeid en een daarmee samenhangend recht op verblijf. Voor zelfstandigen en dienstenverleners en -ontvangers is vastgelegd dat de op hen toepasselijke regelgeving niet strenger mag worden ten opzichte van de situatie per 1 januari 1973. Hoe is de Nederlandse praktijk? Worden deze rechten wel in overeenstemming met de rechtspraak van het Hof van J...

Raad van State stelt prejudiciële vragen inzake Turkse werknemer met dubbele nationaliteit en besluit 1/80

LJN: BK8657, Raad van State , 200903471/1/V3 Datum uitspraak: 31-12-2009 Datum publicatie: 08-01-2010 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Hoger beroep Inhoudsindicatie: Turkse werknemer / dubbele nationaliteit / artikel 7 van Besluit 1/80 / gezinsleden / prejudiciële vragen 1. Moet artikel 7 van besluit nr. 1/80 zo worden uitgelegd dat de gezinsleden van een Turkse werknemer dit tot de legale arbeidsmarkt van een lidstaat behoort, geen beroep op deze bepaling kunnen doen, nadat die werknemer, onder behoud van de Turkse nationaliteit, de nationaliteit van de lidstaat van ontvangst heeft verkregen? 2. Is bij de beantwoording van de eerste vraag van belang op welk tijdstip de betrokken Turkse werknemer de nationaliteit van de lidstaat van ontvangst verkrijgt?

Beleid voor vestiging van Turkse zelfstandigen wel degelijk verscherpt (uitspraak)

LJN: BK4857, Rechtbank 's-Gravenhage , AWB 07/6601 Datum uitspraak: 26-11-2009 Datum publicatie: 01-12-2009 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Eerste aanleg - meervoudig Inhoudsindicatie: Uit het arrest van het Hof van Justitie van 20 september 2007 inzake Tum en Dari wordt naar het oordeel van de rechtbank andermaal duidelijk dat volgens het Hof onder nieuwe beperkingen in de zin van artikel 41, eerste lid, van het Aanvullend Protocol, alle nieuwe maatregelen dienen te worden verstaan die tot doel of tot gevolg (cursief: rechtbank) hebben dat de vestiging van Turkse staatsburgers in een lidstaat wordt onderworpen aan restrictievere voorwaarden dan die welke voortvloeien uit de regels die op de datum van inwerkingtreding van het Aanvullend Protocol voor de betrokken lidstaat golden. Daarbij wordt benadrukt dat geen enkele nieuwe belemmering wordt ingevoerd (cursief: rechtbank). De rechtbank leidt hieruit af dat nieuwe beperkingen ook in beleidsregels kunnen zijn ...

Ondanks prejudiciële vragen over Turks Associatieverdrag toch vovo afgewezen wegens crimineel gedrag (uitspraak rechtbank)

LJN: BK3135,Voorzieningenrechter Rechtbank 's-Gravenhage , zittingsplaats Amsterdam , AWB 09/27154 Datum uitspraak: 20-10-2009 Datum publicatie: 17-11-2009 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Voorlopige voorziening Inhoudsindicatie: Een zwaarder gewicht dient toe te komen aan het belang van verweerder, gezien de ernst en het aantal gepleegde misdrijven en daarmee de ernst van de schending van de openbare orde. Verzoekers belang gelegen in zijn gezinsleven is weliswaar groot, maar kan niet zwaarder wegen. Bij de bestreden beschikking is aan verzoeker een vertrekplicht opgelegd, welke bij toewijzing van de voorziening zou worden opgeschort. Er is dan ook geen sprake van bevriezing van de status quo van de procedure. Voorts is de bodemzaak van verzoeker aangehouden in verband met de beantwoording van prejudiciële vragen door het HvJ EG, welke procedures doorgaans langdurig zijn. Dit maakt dat de gevraagde voorziening een voorlopig karakter ontbeert, terwijl ook bij p...

Wijzigingen inzake het mvv-vereiste (o.a. Turkije, asiel, 8 EVRM, kinderen in Nl)

- Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden - Besluit van 24 april 2009 tot wijziging van het Vreemdelingenbesluit 2000 in verband met het vereiste van een machtiging tot voorlopig verblijf en enkele andere onderwerpen - - Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. - Op de voordracht van de Staatssecretaris van Justitie van 5 februari 2009, Directie Wetgeving nr. 5581846/09/6; Gelet op de artikelen 12, 14, tweede lid, 17, onderdeel g, 24, eerste lid, en 112 van de Vreemdelingenwet 2000; De Raad van State gehoord (advies van 3 april 2009, nr. W03.09.0033/II); Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Justitie van 24 april 2009, Directie Wetgeving nr. 5597221/09/6; - Hebben goedgevonden en verstaan: - - - ARTIKEL I Het Vreemdelingenbesluit 2000 wordt gewijzigd als volgt: - A Artikel 3.3 wordt gewijzigd als volgt: - 1. Het eerste lid, onderdeel c, komt te luiden: - - - c. voor vreemdelingen die voor een verblijf van ...

Turks Associatieverdrag en als uitzendkracht steeds bij dezelfde inlener werken (uitspraak)

LJN: BJ5675,Voorzieningenrechter Rechtbank Dordrecht , awb 07/27371 Datum uitspraak: 23-04-2009 Datum publicatie: 20-08-2009 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Voorlopige voorziening Inhoudsindicatie: Procedurenummer: AWB 07/27371 Uitspraak in verzoek om voorlopige voorziening Wettelijk kader: Artikel 8:81, lid 1, Awb Artikel 14, lid 1, onder b, Vw 2000 Artikel 6, lid 1, aanhef en onder het eerste streepje, Besluit nr. 1/80 Associatieraad Samenvatting: Het bestreden besluit betreft de handhaving van de afwijzing van de aanvraag van verzoeker om verlenging van de geldigheidsduur van zijn verblijfsvergunning onder wijziging van de beperking ‘verblijf bij partner’ in arbeid in loondienst bij Firma [naam] o.g.v. het Turks Associatieverdrag’. In de beroepsprocedure is in geschil tussen partijen of arbeid via een uitzendbureau kan worden aangemerkt als arbeid bij “dezelfde werkgever” als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Besluit nr. 1/80. Naar het oordeel van de voorz...