De inhoudsopgave - al die andere berichten - staat in de rechter kolom die helaas HEEEEEL langzaam laadt. Scrollen dames en heren!
“All the business of war, and indeed all the business of life, is to endeavour to find out what you don’t know from what you do.” – Sir Arthur Wellesley, Duke of Wellington

"My dear. A lack of compassion can be as vulgar as an excess of tears. "
- Violet in Downton Abbey

"By perseverance the snail reached the ark. "
- Charles Spurgeon

"Not all those who wander are lost."
-Tolkien

18 januari 2019

UITSPRAAK: Studiefinanciering en een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair

 Ingestuurd door een lezer waarvoor dank!

ECLI:NL:RBAMS:2019:81

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 08-01-2019
Datum publicatie 10-01-2019
Zaaknummer AWB - 18 _ 4720
Rechtsgebieden Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Wsf 2000. In artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, van het Bsf 2000 is een ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt binnen de groep vreemdelingen 'niet-tijdelijk humanitair'. Geen legitiem doel, onderscheid in strijd met 14 EVRM en 2 EP EVRM
Vindplaatsen Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 18/4720

uitspraak van de meervoudige kamer van 8 januari 2019 in de zaak tussen

[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. B.A.J. van Bokhoven),
en

de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, verweerder

(gemachtigde: mr. A. Jansen)

Procesverloop

In het besluit van 26 januari 2018 (het primaire besluit) heeft verweerder beslist dat eiseres niet in aanmerking komt voor studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering (Wsf) 2000 nu zij als vreemdeling niet met een Nederlander wordt gelijkgesteld.
In het besluit van 12 juni 2018 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De zitting heeft plaatsgevonden op 27 november 2018. Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder is vertegenwoordigd door zijn gemachtigde.

Overwegingen

Vrijstelling griffierecht
1. Bij brief van 8 augustus 2018 heeft eiseres verzocht om ontheffing van betaling van het griffierecht wegens betalingsonmacht. Daartoe heeft de griffier van de rechtbank op
9 augustus 2018 aan eiseres een formulier toegestuurd waarop kan worden ingevuld dat eiseres geen inkomen of vermogen heeft. De gemachtigde van eiseres heeft een uitkeringsspecificatie en het formulier ondertekend retour gestuurd. Hieruit blijkt dat eiseres een bijstandsuitkering ontvangt en niet over vermogen beschikt. Gelet op de hoogte van de uitkering wijst de rechtbank het verzoek om vrijstelling toe.
Achtergrond van het geschil
2.1.
Eiseres (meerderjarig) komt uit Afghanistan en heeft rechtmatig verblijf in Nederland. Met ingang van 8 mei 2014 is aan haar broer [naam broer] een verblijfsvergunning verleend onder de beperking ‘humanitair tijdelijk’ (medische behandeling). Met ingang van
3 november 2017 is aan [naam broer] een verblijfsvergunning verleend onder de beperking ‘niet-tijdelijk humanitaire gronden’ (voorheen voortgezet verblijf). Per dezelfde datum is aan eiseres een verblijfsvergunning verleend onder de beperking ‘gezinsleven conform 8 EVRM bij [naam broer] ’.
2.2. Eiseres volgt in Nederland een MBO-opleiding tot verzorgende. Op 15 januari 2018 heeft eiseres bij verweerder studiefinanciering aangevraagd.
3. Verweerder heeft zich in het primaire besluit, gehandhaafd bij het bestreden besluit, op het standpunt gesteld dat eiseres geen recht heeft op studiefinanciering. Eiseres heeft niet de Nederlandse nationaliteit. Op grond van artikel 3 van het Besluit studiefinanciering (Bsf) 2000 kunnen sommige vreemdelingen wat betreft het recht op studiefinanciering gelijk worden gesteld met Nederlanders. Eiseres valt volgens verweerder echter niet onder een van deze categorieën in artikel 3 van het Bsf 2000. Eiseres verblijft als familielid bij haar broer [naam broer] (hierna: [naam broer] ). Omdat eiseres verblijf heeft bij [naam broer] , moet - om te kunnen voldoen aan de voorwaarden - [naam broer] een verblijfsvergunning hebben die in de genoemde categorieën van artikel 3 van het Bsf 2000 valt. Dat is niet het geval omdat [naam broer] een verblijfsvergunning type I met de beperking niet-tijdelijke humanitaire gronden heeft, die gevolgd is op zijn oorspronkelijke verblijfsvergunning met de beperking medische behandeling. De beperking medische behandeling is tijdelijk van aard en hoort niet bij de in artikel 3 van het Bsf 2000 genoemde categorieën. Als de oorspronkelijke vergunning van [naam broer] de beperking tijdelijk humanitair had gehad, dan zou de verblijfsvergunning van [naam broer] wel vallen in de genoemde categorieën van artikel 3 van het Bsf 2000, namelijk onder artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, onderdeel 2. Dit is echter niet het geval, zodat niet wordt voldaan aan de vereisten van artikel 3 van het Bsf 2000 en eiseres geen recht heeft op studiefinanciering.
Juridisch kader
4.1. In artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wsf 2000 is bepaald dat voor studiefinanciering een studerende in aanmerking kan komen die niet de Nederlandse nationaliteit bezit maar wel in Nederland woont en behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen groep van personen die voor het terrein van de studiefinanciering met Nederlanders worden gelijkgesteld.
4.2.
In artikel 3, eerste lid, van het Bsf 2000 wordt met een Nederlander gelijkgesteld de vreemdeling die in Nederland rechtmatig verblijf heeft:
(…)
e. op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van de Vreemdelingenwet 2000 die is verleend onder een beperking:
1°. verband houdend met verblijf als familie- of gezinslid van een Nederlander of van een vreemdeling als bedoeld in onderdeel a, of dit onderdeel, of hiermee verband houdende niet-tijdelijke humanitaire gronden;
2°. verband houdend met tijdelijke humanitaire gronden of hiermee verband houdende niet-tijdelijke humanitaire gronden;
(…).
4.3. In artikel 3.4 van het Vreemdelingenbesluit (Vb) 2000 is bepaald dat de in artikel 14, derde lid, van de Vreemdelingenwet (Vw) 2000 bedoelde beperkingen verband houden met:
p. medische behandeling;
q. tijdelijke humanitaire gronden.
4.4. In artikel 3.5 van het Vb 2000 is bepaald:
1. Het verblijfsrecht op grond van de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd is tijdelijk of niet-tijdelijk.
2. Tijdelijk is het verblijfsrecht op grond van de verblijfsvergunning, verleend onder een beperking verband houdend met:
a. verblijf als familie- of gezinslid, indien de hoofdpersoon:
1°. tijdelijk verblijfsrecht heeft, of
2°. houder van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd is;
b. seizoenarbeid;
c. overplaatsing binnen een onderneming;
d. grensoverschrijdende dienstverlening;
e. lerend werken;
f. studie;
g. het zoeken naar en verrichten van arbeid al dan niet in loondienst;
h. uitwisseling, al dan niet in het kader van een verdrag;
i. medische behandeling;
j. tijdelijke humanitaire gronden;
k. het afwachten van een verzoek op grond van artikel 17 van de Rijkswet op het Nederlanderschap.
(…).
4. Indien de verblijfsvergunning is verleend onder een andere beperking dan genoemd in het tweede lid, is het verblijfsrecht niet-tijdelijk, tenzij bij de verlening van de verblijfsvergunning anders is bepaald.
4.5. In artikel 3.46, eerste lid, van het Vb 2000 is bepaald dat de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met het ondergaan van medische behandeling kan worden verleend, indien Nederland naar het oordeel van Onze Minister het meest aangewezen land is voor het ondergaan van een noodzakelijke medische behandeling en de financiering van die medische behandeling naar het oordeel van Onze Minister deugdelijk is geregeld.
4.6. In artikel 3.48, eerste lid, van het Vb 2000 is, kort samengevat, bepaald dat de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking verband houdend met tijdelijke humanitaire gronden kan worden verleend aan de vreemdeling die slachtoffer is van bijvoorbeeld mensenhandel of geweld (onder bepaalde voorwaarden).
4.7.
In artikel 3.51, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vb 2000 is bepaald dat de verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd onder een beperking, verband houdend met niet-tijdelijke humanitaire gronden kan worden verleend aan de vreemdeling, die:
a. vijf jaar in Nederland verblijft als houder van een verblijfsvergunning onder de beperking, genoemd onder 1°, of drie jaar in Nederland verblijft onder een beperking, genoemd onder 2° of 3°:
1°. verblijf als familie- of gezinslid van een persoon met een niet-tijdelijk verblijfsrecht;
2°. medische behandeling, voor zover die medische behandeling naar het oordeel van Onze Minister gedurende ten minste nog één jaar in Nederland noodzakelijk zal zijn;
3°. tijdelijke humanitaire gronden.
4.8. In artikel 14 van het EVRM is bepaald dat het genot van de rechten en vrijheden die in dit Verdrag zijn vermeld, moet worden verzekerd zonder enig onderscheid op welke grond ook, zoals geslacht, ras, kleur, taal, godsdienst, politieke of andere mening, nationale of maatschappelijke afkomst, het behoren tot een nationale minderheid, vermogen, geboorte of andere status.
4.9. In artikel 2 van het Eerste Protocol (EP) bij het EVRM is bepaald dat niemand het recht op onderwijs mag worden ontzegd. Bij de uitoefening van alle functies die de Staat in verband met de opvoeding en het onderwijs op zich neemt, eerbiedigt de Staat het recht van ouders om zich van die opvoeding en van dat onderwijs te verzekeren, die overeenstemmen met hun eigen godsdienstige en filosofische overtuigingen.
Voldoet eiseres aan de voorwaarden van artikel 3 van het Bsf2000?
Oordeel rechtbank
5.1. In artikel 3 van het Bsf 2000 is bepaald wanneer een vreemdeling, die in Nederland rechtmatig verblijf heeft, met een Nederlander wordt gelijkgesteld, zodat hij aanspraak kan maken op studiefinanciering op grond van de Wsf 2000, de zogenaamde nationaliteitstoets.
5.2. Aan eiseres is een verblijfsvergunning verleend onder de beperking verblijf bij familielid, in dit geval bij [naam broer] . Het verblijf van eiseres is dus gekoppeld aan het verblijf van haar broer. Wil eiseres gelijkgesteld kunnen worden met een Nederlander, dan dient ook [naam broer] aan de voorwaarden van artikel 3 te voldoen, zo volgt uit artikel 3 van het Bsf 2000.
5.3. De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of [naam broer] valt onder artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, onderdeel 2, zoals hiervoor is weergegeven onder overweging 4.2.
5.4. Die vraag moet naar het oordeel van de rechtbank ontkennend worden beantwoord nu [naam broer] verblijfsvergunning onder de beperking niet-tijdelijk humanitair, is gevolgd op een verblijfsvergunning onder de beperking medische behandeling en dus niet verband houdt met een verblijfsvergunning verleend onder de beperking tijdelijk humanitair, zoals onderdeel 2 van dit artikel vereist. Een verblijfsvergunning onder de beperking ‘tijdelijk humanitair’ kan worden verkregen wanneer, kort gezegd, sprake is geweest van mensenhandel of geweld. Dat is hier niet aan de orde.
Is het onderscheid op grond van verblijfsstatus in artikel 3 van het BSF200 discriminatoir?
Standpunt eiseres
6.1. De gemachtigde van eiseres heeft ter zitting de lezing van de tekst van artikel 3 van het Bsf 2000 niet betwist, maar heeft wel aangevoerd dat het daarin gemaakte onderscheid discriminatoir is en dat hij hiervoor geen rechtvaardiging heeft kunnen vinden in de wetsgeschiedenis. De verblijfsvergunning onder de beperking ‘medische behandeling’ heeft weliswaar een tijdelijk karakter, maar wanneer deze wordt opgevolgd door een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair, dan kan dit worden gezien als de opmaat naar een permanent verblijf. Immers, ook wanneer het medische aspect wegvalt, dan blijft de verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair in stand. Voor de familieleden is er nu ook een inburgeringsplicht, die was er eerst niet. Het is allemaal gericht op het permanente verblijf in Nederland. Het is een niet-tijdelijk verblijfsrecht geworden. Het maken van onderscheid van dit niet-tijdelijke verblijfsrecht naar de initiële oorsprong daarvan, te weten geweld/mensenhandel of medisch, is in strijd met het discriminatieverbod, aldus de gemachtigde van eiseres.
Standpunt verweerder
6.2. Ter zitting heeft de gemachtigde van verweerder zich op het standpunt gesteld dat de wetgever zich bewust is geweest van dit onderscheid. In dit geval is de verblijfsvergunning van [naam broer] een voorzetting van zijn eerdere verblijfsvergunning medische behandeling, welke een tijdelijk karakter heeft. Dit tijdelijke karakter is de reden dat de beperking medische behandeling niet is genoemd in artikel 3 van het Bsf 2000. Er moet sprake zijn van een daadwerkelijke wijziging van de verblijfsgrond, zodat het tijdelijke karakter wegvalt. In dit geval is nog immer de medische behandeling de verblijfsgrond onder de verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair. Nu [naam broer] niet valt onder artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, onderdeel 2, van Bsf 2000, daar staat immers slechts de beperking ‘tijdelijk humanitair’, kan eiseres geen aanspraak maken op studiefinanciering, aldus verweerder.
Oordeel rechtbank
6.3. Een verblijfsvergunning verleend onder de beperking ‘medische behandeling’ of onder de beperking ‘tijdelijk humanitair’ geeft een tijdelijk verblijfsrecht1. Een dergelijke verblijfsvergunning kan opgevolgd worden door een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair, op grond waarvan het verblijfsrecht niet-tijdelijk is2. Nu artikel 3 van de Bsf 2000 de beperking ‘medische behandeling’ niet vermeldt maar enkel de beperking ‘tijdelijk humanitair’ heeft een vreemdeling met een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair (die gevolgd is op een verblijfsvergunning met de beperking ‘medische behandeling’) geen recht op studiefinanciering, terwijl een vreemdeling met een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair (die gevolgd is op een verblijfsvergunning ‘tijdelijk humanitair’) wel recht heeft op studiefinanciering. Tussen partijen is in geschil of dit onderscheid gerechtvaardigd is.
6.4. In onder andere de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 27 mei 20113 is geoordeeld dat de eerste volzin van artikel 2 EP EVRM (het recht op onderwijs) binnen de Nederlandse rechtsorde is aan te merken als een eenieder verbindende verdragsbepaling als bedoeld in de artikelen 93 en 94 van de Grondwet. Voorts is overwogen dat studiefinanciering binnen het toepassingsbereik van de eerste volzin van artikel 2 EP EVRM valt.
Is er sprake van een inbreuk op het recht op onderwijs?
6.5. Tussen partijen is niet in geschil dat er in artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdeel e van de Bsf 2000 een onderscheid is gemaakt tussen houders van een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair onderling en dat het niet toekennen van studiefinanciering aan eiseres, die legaal verblijft in Nederland, een inbreuk is op het recht op onderwijs zoals bepaald in artikel 2 EP EVRM. Een inbreuk is slechts gerechtvaardigd als dit bij wet is voorzien. Verder moeten beperkingen van grondrechten noodzakelijk zijn om het nagestreefde legitieme doel te kunnen realiseren en moet er een redelijke verhouding (‘fair balance’) bestaan tussen het maatschappelijke belang dat wordt gediend met de beperking, en het recht dat daardoor wordt aangetast.
Is er sprake van een gerechtvaardigde inbreuk?
6.6. Verweerder heeft er naar het oordeel van de rechtbank met juistheid op gewezen dat het niet toekennen van studiefinanciering aan eiseres op een wettelijke grondslag berust, namelijk artikel 3 van het Bsf 2000. Aan de eerste voorwaarde voor een gerechtvaardigde inbreuk is dan ook voldaan.
Is er sprake van een legitiem doel?
6.7.
Verweerder stelt zich voorts op het standpunt dat het niet toekennen van studiefinanciering een legitiem doel dient en dat de wetgever zich ook bewust is geweest van een situatie zoals die van eiseres. Verweerder heeft in dit verband verwezen naar de overwegingen van de wetgever. Zo blijkt uit de Nota van Toelichting bij artikel 3.51 van het Vb 2000 (Stb. 2000, 497) op p. 128:
“Onderdeel b van het eerste lid voorziet in een regeling voor het voortgezette verblijf van de vreemdeling die reeds drie jaren in het bezit is van een verblijfsvergunning onder een beperking verband houdend met medische behandeling, en van wie het verblijf met nogmaals een jaar zou worden verlengd. In dergelijke gevallen kan eveneens een verblijfsvergunning voor voorgezet verblijf worden verleend. Hoewel het verblijf in Nederland voor medische behandeling nadrukkelijk een tijdelijk karakter heeft, is in het beleid en de rechtspraak aanvaard dat dergelijk verblijf na verloop van tijd zijn tijdelijke karakter verliest. Voorheen werd de vreemdeling in deze situatie in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning zonder beperking; sedert de inwerkingtreding van de Wet is zulks niet meer mogelijk en wordt de vergunning verleend onder de beperking verband houdend met voortgezet verblijf. Voor de volledigheid wordt er op gewezen dat het verblijfsrecht tijdelijk van aard blijft tot het moment waarop de verblijfsvergunning daadwerkelijk is gewijzigd.”
6.8.
Verweerder heeft zich, verwijzend naar deze toelichting van de wetgever, op het standpunt gesteld dat de verblijfsvergunning van [naam broer] nog immer een tijdelijk karakter heeft en dat dat niet is gewijzigd bij de verlening van de verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair. En wanneer sprake is van een verblijfsvergunning met een tijdelijk karakter, kan er geen sprake zijn van een recht op studiefinanciering voor eiseres.
Bij de wijziging van het Bsf 2000 op 1 augustus 2007 (Stb. 2007, 264) is in de Nota van Toelichting geschreven (paragraaf 1.2.1):
“Studerenden die beschikken over een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd komen altijd in aanmerking voor studiefinanciering of tegemoetkoming ongeacht of het een verblijfsvergunning «asiel» betreft dan wel een reguliere verblijfsvergunning. Studerenden die over een tijdelijke verblijfsvergunning asiel beschikken komen eveneens altijd in aanmerking voor studiefinanciering of tegemoetkoming. Voor de tijdelijke verblijfsvergunningen regulier ligt dit anders. In een aantal gevallen is het evident dat het verblijf van kortstondige tijdelijke aard zal zijn, bijvoorbeeld voor het verblijf tijdens een medische behandeling of voor familiebezoek. Ondersteuning uit publieke middelen ligt dan niet voor de hand. In een aantal gevallen is de tijdelijke verblijfsvergunning – over het algemeen – de opmaat naar een verblijf voor onbepaalde tijd. Bijvoorbeeld als het gaat om een tijdelijke verblijfsvergunning in het kader van gezinshereniging. Dan is ondersteuning wel aan de orde.”
6.9. De rechtbank volgt verweerder in zoverre, en eiseres betwist dat op zich ook niet, dat het recht op studiefinanciering is beperkt ten aanzien van de groep vreemdelingen die in Nederland tijdelijk verblijven. Er is – op zichzelf – ook sprake van een beperking met een legitiem doel, omdat de wetgever er bewust voor heeft gekozen, gelet op het koppelingsbeginsel, het recht op studiefinanciering slechts te laten ontstaan voor vreemdelingen met een meer permanent verblijf. Zo blijkt uit de Nota van toelichting bij de wijziging van het Bsf 2000 dat vreemdelingen met een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd, of een tijdelijke verblijfsvergunning asiel altijd in aanmerking komen voor studiefinanciering, maar dat dit niet geldt voor de vreemdelingen met tijdelijke verblijfsvergunningen regulier. Wanneer verblijf tijdelijk is, ligt ondersteuning uit publieke middelen niet voor de hand.
6.10. De rechtbank is echter van oordeel dat de wetgever zich kennelijk niet bewust is geweest van het onderscheid dat wordt gemaakt binnen de groep vreemdelingen met een verblijfsvergunning niet-tijdelijk humanitair (voorheen: voortgezet verblijf). Er is daarom geen legitiem doel ten aanzien van dit specifieke onderscheid. Hiervoor ziet de rechtbank verschillende aanknopingspunten.
6.11. De rechtbank overweegt allereerst dat in artikel 3.51 van het Vb 2000 zowel de verblijfsvergunning onder de beperking ‘medische behandeling’, als de verblijfsvergunning onder de beperking ‘tijdelijk humanitair’ na verloop van drie jaar kan leiden tot een verblijfsvergunning ‘niet-tijdelijk humanitair’. Er wordt dus geen onderscheid gemaakt in status binnen de categorie houders van een verblijfsvergunning met de beperking ’niet-tijdelijk humanitair’, terwijl in artikel 3 van het Bsf 2000 wel onderscheid wordt gemaakt in status binnen de categorie houders van een verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijk humanitair’ door enkel de beperking ‘tijdelijk humanitair’ te noemen en de beperking ‘medische behandeling’ weg te laten.
6.12. Voorts is in de Nota van toelichting bij artikel 3.51 Vb 2000 weergegeven dat hoewel het verblijf in Nederland voor medische behandeling nadrukkelijk een tijdelijk karakter heeft, het in het beleid en de rechtspraak is aanvaard dat een dergelijk verblijf na verloop van tijd zijn tijdelijke karakter verliest, waarbij erop wordt gewezen dat het verblijfsrecht tijdelijk van aard blijft tot het moment waarop de verblijfsvergunning daadwerkelijk is gewijzigd. De rechtbank begrijpt deze toelichting van de wetgever, anders dan verweerder, aldus dat wanneer de verblijfsvergunning onder de beperking ‘medische behandeling’ wordt omgezet in een verblijfsvergunning ‘niet-tijdelijk humanitair’, het zijn tijdelijke karakter verliest. Voor deze uitleg vindt de rechtbank steun in artikel 3.5 van het vreemdelingenbesluit waaruit volgt dat een verblijfsvergunning verleend onder de beperking ‘medische behandeling’ of onder de beperking ‘tijdelijk humanitair’ een tijdelijk verblijfsrecht geeft en een verblijfsvergunning ‘niet-tijdelijk humanitair’ een niet-tijdelijk verblijfsrecht. Een verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijk humanitair’ is een sterke verblijfsstatus die is gericht op permanent verblijf. Zoals de gemachtigde van eiseres ter zitting ook heeft toegelicht, kan [naam broer] volgend jaar al genaturaliseerd worden en hebben zijn familieleden nu ook een inburgeringsplicht, terwijl dat eerder niet het geval was. Zijn verblijf heeft immers geen tijdelijk karakter meer. Wanneer de medische behandeling bij [naam broer] zou komen weg te vallen, betekent dat in beginsel dat hij zijn verblijfsvergunning ‘niet-tijdelijk humanitair’ behoudt. Daarmee is de rechtbank van oordeel dat [naam broer] verblijfsstatus niet anders is dan andere vreemdelingen met de verblijfsstatus ‘niet-tijdelijk humanitair’.
6.13. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat nu enkel de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ verband houdend met de beperking ‘tijdelijk humanitair’ in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder e, van het Bsf 2000 is genoemd en niet ook de beperking ‘niet-tijdelijke humanitaire gronden’ verband houdend met de beperking ‘medische behandeling’ is genoemd, daarmee een ongerechtvaardigd onderscheid is gemaakt binnen de groep vreemdelingen die de verblijfsvergunning onder de beperking ‘niet-tijdelijk humanitair’ hebben. Hiervoor bestaat geen objectieve rechtvaardiging, omdat niet wordt voldaan aan het tweede vereiste, een legitiem doel. Het gemaakte onderscheid is dan ook in strijd met artikel 14 van het EVRM in combinatie met artikel 2 EP EVRM.
6.14. Verweerder heeft dan ook ten onrechte beslist dat eiseres niet voldoet aan de nationaliteitstoets in artikel 3 van het Bsf 2000.
Conclusie
7. Gelet hierop verklaart de rechtbank het beroep gegrond en vernietigt de rechtbank het bestreden besluit. In het kader van de finale geschilbeslechting zal de rechtbank met toepassing van artikel 8:72, derde lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht zelf in de zaak voorzien door het bezwaar gegrond te verklaren, het primaire besluit te herroepen en te bepalen dat deze uitspraak in de plaats treedt van het bestreden besluit. De rechtbank zal beslissen dat eiseres met ingang van 1 februari 2018 in aanmerking komt voor studiefinanciering. Nu het beroep gegrond is, komt de rechtbank niet meer toe aan de beroepsgrond van eiseres over het schema op de website van verweerder.
8. De rechtbank zal verweerder veroordelen in de kosten die eiseres voor de behandeling van het bezwaar en voor de behandeling van het beroep bij de rechtbank redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten in bezwaar en beroep begroot de rechtbank op € 1.536,- (1 punt voor het bezwaarschrift, 1 punt voor het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting, met een waarde per punt van € 512,- en een gewicht van 1).

Beslissing

De rechtbank:
  • - verklaart het beroep gegrond;
  • - vernietigt het bestreden besluit;
  • - herroept het primaire besluit en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
  • - veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.536,- (zegge: duizend vijfhonderd zesendertig euro).
Deze uitspraak is gedaan door mr. P. Sloot, voorzitter, en mr. B.C. Langendoen en
mr. L.Z. Achouak el Idrissi, leden, in aanwezigheid van mr. R.J.R. van Broekhoven, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2019.
griffier
voorzitter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening.
1 op grond van het tweede lid van artikel 3.5 van het Vreemdelingenbesluit
2 op grond van het vierde lid van artikel 3.5 van het Vreemdelingenbesluit
3 ECLI:NL:CRVB:2011:BQ6891

 Bron: http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2019:81

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Uitspraak: Stevige schadevergoeding en proceskosten in zaak waar zowel de IND als de Rechtbank een paar steken lieten vallen

 

ECLI:NL:RVS:2019:59

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 09-01-2019
Datum publicatie 16-01-2019
Zaaknummer 201804687/1/V3
Formele relaties Eerste aanleg: ECLI:NL:RBDHA:2018:6367, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken Hoger beroep
Inhoudsindicatie Bij besluiten van 1 mei 2018 en 15 mei 2018 zijn aan de vreemdeling vrijheidsontnemende maatregelen opgelegd.
Vindplaatsen Rechtspraak.nl

Uitspraak

201804687/1/V3.
Datum uitspraak: 9 januari 2019
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:
[de vreemdeling],
appellant,
tegen de mondelinge uitspraak van de rechtbank Den Haag van 28 mei 2018 in zaken nrs. NL18.9112 en NL18.9256 in het geding tussen:
de vreemdeling
en
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Procesverloop
Bij besluiten van 1 mei 2018 en 15 mei 2018 zijn aan de vreemdeling vrijheidsontnemende maatregelen opgelegd.
Bij mondelinge uitspraak van 28 mei 2018 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdeling ingestelde beroepen ongegrond verklaard en de verzoeken om schadevergoeding afgewezen.
Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. S. Thelosen, advocaat te Amsterdam, hoger beroep ingesteld.
Vervolgens is het onderzoek gesloten.
Overwegingen
De vrijheidsontnemende maatregel van 1 mei 2018
1.    De vrijheidsontnemende maatregel van 1 mei 2018 is krachtens artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (hierna: de Vw 2000) aan de vreemdeling opgelegd. Niet in geschil is dat aan die maatregel een gebrek kleeft, omdat het aan de vreemdeling uitgereikte exemplaar van die maatregel niet is ondertekend. De maatregel is daarna alsnog digitaal ondertekend, maar dat exemplaar is niet aan de vreemdeling uitgereikt.
2.    In de derde grief klaagt de vreemdeling dat de rechtbank ten onrechte naar aanleiding van het hiervoor genoemde gebrek een belangenafweging heeft gemaakt en dat zij die ten onrechte in het voordeel van de staatssecretaris heeft laten uitvallen. Daarover voert hij onder meer aan dat hij door het gebrek onrechtmatig heeft vastgezeten en daarom in zijn belangen is geschaad.
2.1.    In de zaak die heeft geleid tot de uitspraak van de Afdeling van 12 juli 2018, ECLI:NL:RVS:2018:2278, deed zich hetzelfde gebrek voor als in deze zaak. Uit die uitspraak volgt dat dit gebrek de vrijheidsontnemende maatregel pas onrechtmatig maakt indien de daarmee gediende belangen niet in redelijke verhouding staan tot de ernst van het gebrek en de daardoor geschonden belangen. Uit die uitspraak volgt bovendien dat bij voornoemd gebrek een zwaarwegend belang moet bestaan aan de zijde van de staatssecretaris om de belangenafweging in zijn voordeel te laten uitvallen.
    Anders dan de vreemdeling betoogt, heeft de rechtbank naar aanleiding van het hiervoor genoemde gebrek terecht een belangenafweging gemaakt. De vreemdeling betoogt echter terecht dat de rechtbank de belangenafweging ten onrechte in het voordeel van de staatssecretaris heeft laten uitvallen. Het door de staatssecretaris ter zitting bij de rechtbank genoemde grensbewakingsbelang is van algemene aard en geldt per definitie bij vrijheidsontnemende maatregelen krachtens artikel 6, derde lid, van de Vw 2000. Dit belang is daarom onvoldoende zwaarwegend in de zin van de uitspraak van de Afdeling van 12 juli 2018. Daarnaast heeft de staatssecretaris geen andere belangen naar voren gebracht. De rechtbank heeft dan ook niet onderkend dat niet is gebleken van zwaarwegende belangen aan de zijde van de staatssecretaris die opwegen tegen het belang van de vreemdeling. De vrijheidsontnemende maatregel van 1 mei 2018 is daarom van aanvang af onrechtmatig.
    De grief slaagt.
De vrijheidsontnemende maatregel van 15 mei 2018
3.    Wat de vreemdeling in de tweede en vijfde grief aanvoert, kan niet tot vernietiging van de aangevallen uitspraak leiden. Omdat het aldus aangevoerde geen vragen opwerpt die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoording behoeven, wordt, gelet op artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000, met dat oordeel volstaan.
4.    In de eerste grief klaagt de vreemdeling onder meer dat de rechtbank hem ter zitting niet heeft gehoord over de vrijheidsontnemende maatregel van 15 mei 2018.
4.1.    Artikel 94, vierde lid, van de Vw 2000 luidt:
    "[…] De zitting vindt uiterlijk op de veertiende dag na ontvangst van het beroepschrift […] plaats. De rechtbank roept de vreemdeling op om in persoon dan wel in persoon of bij raadsman […] te verschijnen teneinde te worden gehoord. […]"
    Het in strijd met die bepaling niet horen van de vreemdeling leidt tot onrechtmatigheid van de maatregel met ingang van de dag volgend op die waarop de hiervoor genoemde termijn van veertien dagen is geëindigd. De Afdeling verwijst hiervoor naar haar uitspraak van 1 april 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BM0762.
4.2.    Tegen de vrijheidsontnemende maatregel van 15 mei 2018 heeft de vreemdeling op diezelfde dag beroep ingesteld bij de rechtbank. De rechtbank heeft de behandeling van dit beroep ter zitting, gezamenlijk met het beroep tegen de maatregel van 1 mei 2018, gepland op 28 mei 2018.
    De vreemdeling betoogt terecht dat de rechtbank hem ter zitting niet in de gelegenheid heeft gesteld zijn beroep tegen de maatregel van 15 mei 2018 toe te lichten. Zoals ook uit het proces-verbaal van de zitting volgt, heeft de rechtbank die maatregel namelijk in het geheel niet besproken. De rechtbank heeft daarom de in artikel 94, vierde lid, van de Vw 2000 bedoelde verplichting geschonden. Omdat uit wat onder 3 is overwogen volgt dat de vreemdeling geen beroepsgronden heeft aangevoerd die leiden tot het oordeel dat de vrijheidsontneming eerder onrechtmatig was en omdat de vreemdeling in hoger beroep niet betoogt dat hij naast zijn schriftelijke gronden van beroep nog andere beroepsgronden ter zitting naar voren had willen brengen, leidt dit, gelet op wat onder 4.1 is overwogen, met ingang van 30 mei 2018, de vijftiende dag na de oplegging van de tweede maatregel, tot onrechtmatigheid van de vrijheidsontnemende maatregel van 15 mei 2018.
    De grief slaagt in zoverre.
Conclusie over beide vrijheidsontnemende maatregelen
5.    Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak moet worden vernietigd. Wat de vreemdeling voor het overige over de eerste maatregel van bewaring aanvoert, behoeft geen bespreking. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Afdeling de beroepen tegen de besluiten van 1 mei 2018 en 15 mei 2018 alsnog gegrond verklaren. Omdat de vrijheidsontnemende maatregelen al zijn opgeheven, kan een daartoe strekkend bevel achterwege blijven. Aan de vreemdeling wordt met toepassing van artikel 106, eerste lid, van de Vw 2000 de hierna genoemde vergoeding toegekend over de periode van 1 mei 2018 tot 15 mei 2018, de dag waarop de vrijheidsontnemende maatregel van 1 mei 2018 is opgeheven, en over de periode van 30 mei 2018 tot 27 juni 2018, de dag waarop de vrijheidsontnemende maatregel van 15 mei 2018 is opgeheven.
6.    De staatssecretaris moet op na te melden wijze tot vergoeding van de proceskosten worden veroordeeld.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
I.    verklaart het hoger beroep gegrond;
II.    vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 28 mei 2018 in zaken nrs. NL18.9112 en NL18.9256;
III.    verklaart de door de vreemdeling bij de rechtbank in die zaken ingestelde beroepen gegrond;
IV.    kent aan de vreemdeling een vergoeding toe van € 3.360,00 (zegge: drieduizend driehonderdzestig euro), ten laste van de Staat der Nederlanden, te betalen door de griffier van de Raad van State;
V.    veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van de beroepen en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.536,00 (zegge: vijftienhonderdzesendertig euro), geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, voorzitter, en mr. A.B.M. Hent en mr. D.A. Verburg, leden, in tegenwoordigheid van mr. S. Bechinka, griffier.
w.g. Verheij    w.g. Bechinka
voorzitter    griffier
Uitgesproken in het openbaar op 9 januari 2019
371-848.

 http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2019:59

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

UITSPRAAK: de Raad van State meent dat ook Pardonners hun identiteit moeten aantonen en gaat op gestelde bewijsnood in



ECLI:NL:RVS:2019:120

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 16-01-2019
Datum publicatie 16-01-2019
Zaaknummer 201803211/1/V6
Rechtsgebieden Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken Hoger beroep
Inhoudsindicatie Bij besluit van 14 februari 2017 heeft de staatssecretaris het verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen.
Vindplaatsen Rechtspraak.nl

2.    De staatssecretaris heeft het verzoek afgewezen omdat [appellant] bij de indiening ervan geen gelegaliseerde geboorteakte en geen geldig buitenlands reisdocument heeft overgelegd, zodat zijn identiteit en nationaliteit niet zijn komen vast te staan. Verder heeft [appellant] volgens de staatssecretaris niet aangetoond in bewijsnood te verkeren.
3.    [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat hij er niet alles aan heeft gedaan de voor de naturalisatie vereiste documenten te verkrijgen. [appellant] betoogt dat hij in bewijsnood verkeert. Hij voert aan dat hij niet enkel de autoriteiten van Nigeria, Soedan en Zuid-Soedan heeft aangeschreven, maar dat hij ook bezoeken heeft gebracht aan de ambassades van Soedan en Nigeria en dat hier schriftelijke verslagen van zijn gemaakt. [appellant] voert verder aan dat de rechtbank niet alle door hem overgelegde stukken bij de beoordeling heeft betrokken, zodat zij haar uitspraak ontoereikend heeft gemotiveerd. Volgens [appellant] is het voor hem niet mogelijk om met behulp van derden een paspoort en/of geboorteakte te verkrijgen in Soedan. Hij zal zich persoonlijk moeten melden in het land van herkomst, maar Soedan laat hem niet toe.
3.1.    Uit vaste jurisprudentie van de Afdeling (uitspraak van 1 februari 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BV2474) volgt dat de verzoeker die betoogt dat hij in bewijsnood verkeert, moet aantonen dat hij al het mogelijke heeft gedaan om in het bezit te komen van de gevraagde documenten. Verder volgt uit vaste jurisprudentie van de Afdeling (uitspraak van 18 februari 2015, ECLI:NL:RVS:2015:483) dat het enkel zonder resultaat aanschrijven van de autoriteiten van een land ontoereikend is voor het aannemen van bewijsnood.
    De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat [appellant] niet heeft aangetoond dat hij in bewijsnood verkeert. Het aanschrijven van de Soedanese ambassade en het bezoeken van deze ambassade hebben niet tot enig bewijsstuk van de Soedanese autoriteiten geleid waaruit blijkt dat [appellant] niet in het bezit kan worden gesteld van de benodigde documenten. Het verslag van een getuige van Stichting NieuwKomers en Vluchtingenwerk waarin dit bezoek wordt bevestigd en waarin deze getuige heeft verklaard dat [appellant] geen documenten heeft ontvangen, maakt dat niet anders, alleen al omdat dit verslag evenmin tot enig bewijsstuk als hiervoor bedoeld heeft geleid. Verder heeft [appellant] met de enkele stelling dat de Soedanese autoriteiten hem niet toelaten tot Soedan niet aangetoond dat hij niet zelf naar Soedan kan afreizen om de documenten bij de Soedanese autoriteiten te verkrijgen. Hij heeft geen verklaring van de Soedanese ambassade overgelegd waaruit blijkt dat hij niet in het bezit kan worden gesteld van een visum of laissez-passer. Ook heeft [appellant] zijn stelling dat het voor hem niet mogelijk is om de documenten te verkrijgen met behulp van (professionele) derden niet onderbouwd.
    Het betoog faalt.

(......)


6.    [appellant] betoogt dat de rechtbank, door hem tegen te werpen dat hij niet in bewijsnood verkeert bij het overleggen van de voor naturalisatie vereiste documenten, in strijd heeft gehandeld met artikel 6 van het EVRM.
6.1.    Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 5 oktober 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BT6673) is de verlening van het Nederlanderschap, gelet op de daaraan verbonden gevolgen, een zaak van groot gewicht en is de staatssecretaris dan ook bevoegd om te eisen dat de desbetreffende verzoeker op de in de Handleiding neergelegde wijze zijn identiteit en nationaliteit aantoont.
    Zoals hierna in de bijlage is weergegeven, dient de verzoeker die houder van een regulier verblijfsrecht is, in beginsel een geldig buitenlands paspoort en een gelegaliseerde of van apostille voorziene geboorteakte over te leggen. De rechtbank heeft terecht overwogen dat daarbij geen uitzondering wordt gemaakt voor verzoekers die een verblijfsvergunning op grond van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet hebben. Zoals het EHRM heeft overwogen (onder meer het arrest van 7 februari 2012, Al Hamdani tegen Bosnië-Herzegovina, ECLI:CE:ECHR:2012:0207JUD003109810) zien procedures over naturalisatie niet op het vaststellen van burgerlijke rechten en verplichtingen of het bepalen van de gegrondheid van een ingestelde vervolging, zoals bedoeld in artikel 6 van het EVRM, en is dit artikel dientengevolge in dergelijke procedures niet van toepassing. Aangezien het geschil betrekking heeft op de weigering [appellant] het Nederlanderschap te verlenen, kan hij dan ook geen beroep doen op artikel 6 van het EVRM.
    Het betoog faalt.




Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

VACATURE: advocaat-stagiaire bij Pels Rijcken


Advocaat-stagiaire Bestuursrecht

Ben jij (bijna) bestuursrechtelijke afgestudeerd en wil jij werkzaam worden in een praktijk met maatschappelijk relevante en toonaangevende zaken? Dan is deze vacature een mooie kans voor jou!

Wij zijn op zoek naar een advocaat-stagiaire die de sectie Bestuursrecht wil komen versterken. De sectie heeft zich gespecialiseerd op het gebied van de bestuurlijke besluitvorming en de rol die de overheid en burgers daarin vervullen. Zij voeren een brede advies- en procespraktijk op het terrein van onder meer toezicht en handhaving, subsidies, gereguleerde markten, gezondheidsrecht, openbaarheid van bestuur, privacy, Europees recht, vreemdelingenrecht en volkshuisvesting.

Complexiteit en diversiteit maken deze functie een uitdaging voor iedere jurist met een voorliefde voor het bestuursrecht.

Wat bieden wij?
Bij Pels Rijcken kun je je voortdurend ontwikkelen. Zo draai je vanaf de start van je loopbaan bij ons volledig mee in de (proces-)praktijk en word je begeleid en gecoacht door ervaren collega's. Naast de externe beroepsopleiding volg je ook het interne opleidingsprogramma ’De Verrijcking': een ontwikkelprogramma op maat gedurende je gehele loopbaan als advocaat. En, samen met de andere stagiaires, kom je wekelijks bijeen in een werkgroep onder leiding van de landsadvocaat. Je krijgt dan ook volop de gelegenheid om zowel persoonlijk als vakinhoudelijk te groeien.

Wat zoeken wij?
Je bent (bijna) bestuursrechtelijke afgestudeerd. Ook heb je een brede maatschappelijke belangstelling. Een sterk analytisch vermogen is essentieel. Verder beschik je over goede mondelinge en schriftelijke vaardigheden en toon je initiatief. Daarnaast lever je met plezier een positieve bijdrage aan het team en werk je samen met je collega's aan het beste resultaat voor de cliënt.

Herken jij jezelf in de kandidaat die wij zoeken? Stuur dan je cv en motivatiebrief via onderstaande button. Bij vragen kun  je contact opnemen met Elisabeth Matthes (recruiter).




Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

VACATURE: (senior) juridisch medewerker bij de Haagse rechtbank afdeling Bestuursrecht met o.a. vreemdelingenrecht

Als (senior) juridisch medewerker lees je (complexe) juridische dossiers (veelal twee rechtsgebieden) en maak je hiervan een analyse. Op zitting ondersteun je de rechter en stel je het proces-verbaal op. In raadkamer treed je op als gesprekpartner van de rechter en concipieer je op (summiere) aanwijzingen uitspraken. Je bewaakt het gehele proces van activiteiten om te zorgen voor een efficiënt verloop van de zaak. Je houdt wetgeving en jurisprudentie bij.

Bij de senior functie behoren ook werkzaamheden ten behoeve van het team, zoals het opleiden van beginnende juridisch medewerkers.

De rechtbank Den Haag is onderverdeeld in 19 teams. Er zijn vier bestuursrecht teams, waaronder een administratief team. Het betreft een vacature bij team Bestuursrecht 1 (Sociale zekerheid, Participatiewet en Omgevingsrecht) en team Bestuursrecht 2 (Vreemdelingen-, (militaire) ambtenarenrecht en een groot aantal andere bestuursrechtelijke rechtsgebieden)

Een team wordt aangestuurd door een teamvoorzitter en een hoofd juridische ondersteuning en wordt hierbij ondersteund door een roosteraar en een managementondersteuner. Daarnaast bestaat het team uit (senior) rechters, stafjuristen en (senior) juridisch medewerkers.

Wat we je bieden
Een functie vol mogelijkheden om je kennis verder uit te breiden en je persoonlijke ontwikkeling te stimuleren. Onze arbeidsvoorwaarden zijn uitstekend geregeld volgens het ARAR, het algemeen Rijksambtenarenreglement:
  • Een salaris in schaal 9 voor Juridisch medewerker (maximaal € 3.809,29 op basis van 36 uur)
  • Een salaris in schaal 10 voor Senior juridisch medewerker (maximaal € 4.229,30 op basis van 36 uur)
  • Verlof van 144 + 21,6 wettelijke resp. bovenwettelijke vakantie-uren bij een werkweek van 36 uur.
  • Vakantiegeld 8% en eindejaarsuitkering 8,3%.
  • Pensioenopbouw volgens het ABP.
  • Goede regelingen voor ouderschapsverlof, studiefaciliteiten en vergoeding woon-werkverkeer.
  • Ook heb je een aantal individuele keuzemogelijkheden bij het samenstellen van je arbeidsvoorwaardenpakket.
Wat we van je vragen
Je beschikt over een goed analytisch vermogen, kunt logisch redeneren en snel hoofd- en bijzaken scheiden. Je hebt uitstekende redactionele vaardigheden. Je hebt een flexibele instelling, bent communicatief en je kunt zelfstandig werken. Daarnaast ben je zorgvuldig, accuraat en kun je goed onder (tijds)druk presteren. Om deze functie op goed niveau te kunnen uitoefenen, heb je ook nog:
  • een juridische academische opleiding afgerond
  • bij voorkeur kennis van en ervaring in het algemene bestuursrecht en/of vreemdelingenrecht
  • ervaring in een van bovengenoemde rechtsgebieden (is een pre)
  • een uitstekende beheersing van het Nederlands.

https://www.werkenbijderechtspraak.nl/vacature/senior-juridisch-medewerker-team-bestuursrecht-444521/



Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

VACATURE: advocaat vreemdelingenrecht


El-Sharkawi Advocaten is een jong en ambitieus advocatenkantoor. Ons kantoor is gevestigd te Den Haag. Wij verlenen juridische diensten aan particulieren, bedrijven en instellingen.
El-Sharkawi Advocaten is een algemene praktijk met de nadruk op het gebied van ondernemingsrecht, personen- en familierecht alsmede vreemdelingenrecht. Betrokkenheid, verantwoordelijkheid en zelfstandigheid omschrijven onze stijl.

Momenteel bestaat ons kantoor uit twee advocaten en een medewerker. Door de sterke groei van onze praktijk in de afgelopen maanden zijn we op zoek naar:

Advocaat-medewerker (m/v)

Een advocaat-medewerker met minimaal 3 jaar ervaring in de advocatuur en in het bezit van een geldige stageverklaring. Wij zoeken een betrokken advocaat met ervaring in een algemene praktijk dan wel op één van de volgende rechtsgebieden: ondernemingsrecht / vreemdelingenrecht. Het betreft een fulltime aanstelling.

Je bent initiatiefrijk, ambitieus, zowel mondeling als schriftelijk communicatief sterk en je beschikt over een scherp analytisch vermogen. Je kunt zelfstandig opereren en staat stevig in je schoenen. Daarnaast ben je bereid om in een klein team samen te werken. Je bent in staat om aan de verdere groei van ons kantoor bij te dragen.

Wil je meer weten over deze functie, neem dan contact op met dhr. E. El-Sharkawi, 070 39 22 250.
Schriftelijke sollicitatie met CV kan gericht worden aan mw. A.P.C. Huijgens, Emmapark 14, 2595 ET Den Haag, r.huijgens@elsharkawi.nl



Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Kamervragen over de situatie van gehandicapte kinderen in de asielprocedure en de opvang


Antwoorden op Kamervragen over het rapport Extra beschermd of extra beschadigd

Staatssecretaris Harbers (JenV) beantwoordt de vragen van de Kamerleden Voordewind (ChristenUnie), Van Toorenburg (CDA),
Groothuizen (D66) en Van Ojik (GroenLinks). De Kamerleden hadden vragen gesteld over het rapport 'Extra beschermd of extra beschadigd?' Het rapport gaat over de naleving van de rechten van kinderen met een handicap bij de verblijfsrechtelijke procedure en bij de opvang in asielzoekerscentra.


Sale Januari 2019


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Er zijn duidelijk kamervragen gesteld over de afwezige IND op zittingen bij de vreemdelingenkamers van de rechtbank


Documenten over het onderwerp Asielbeleid

Deze vraag is al wel beantwoord:

Antwoorden op Kamervragen over personeelstekort bij de IND

Staatssecretaris Harbers (JenV) beantwoordt de vragen van het Kamerlid J. van Dijk (SP) over het personeelstekort bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Het Kamerlid stelde deze vragen naar aanleiding van het bericht dat de IND steeds vaker afwezig is in de rechtszaal en daardoor zaken verliest.

De vragen van de SP ziet vooral op de arbeidsmarktsituatie: Is het salaris wel hoog genioeg? Wordt er niet gerotzooid met uitzendconstructies? Willen mensen wel bij de IND werken?

Persoonlijk denk ik dat er genoeg mensen bij de IND willen werken maar je gaat geen goede baan opzeggen om bij een detacheerder de baangarantie te hebben tot de volgende dag. Dus griffiers bij de rechtbanken of mensen die nu op een advocatenkantoor werken gaan echt niet overstappen!
Niet alleen kosten die detacheerders een fortuin, inderdaad hebben ze ook nog eens de neiging om te knibbelen op salarissen.
Laat de IND gewoon eens een adres op hun website zetten waar mensen een open sollicitatie heen kunnen sturen. Reken maar dat er dan snel kan worden geput uit een eigen voorraad. EN biedt die mensen gewoon dat ambtenarencontract aan wat pas na twee jaar vast wordt net als bij mij vroeger. Dan wagen ook mensen met een vaste baan zich aan een overstap.

Sale Januari 2019

Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

January 22, 2019 "Van nieuwkomer naar Nederlander" thema avond in Rotterdam

 In samenwerking met D66 Rotterdam en de Mr. Hans van Mierlo Stichting, organiseren wij als D66 Thema-afdeling Samenleven, Migratie en Asiel op 22 januari om 20:30 uur een thema-avond in Rotterdam over de integratie van nieuwkomers. Wij bieden een rijk programma aan sprekers: Asrat Tafere uit Eritrea, woonachtig in Rotterdam sinds augustus 2015, neemt ons mee in zijn ervaringen. Sayida Goedhoop, directeur van Stichting Nieuw Thuis Rotterdam. Nadia Arsieni, fractielid voor D66 Rotterdam tevens woordvoerder integratie. Daniel Boomsma, wetenschappelijk medewerker van de Mr. Hans van Mierlo Stichting. Kortom een avond waarbij het thema van integratie vanuit meerdere invalshoeken zal worden belicht met als primaire doel het gesprek met elkaar aan te gaan. U bent van harte welkom! Locatie: Voz Di Rua, Pelgrimstraat 11, 3029 BH Rotterdam

https://www.facebook.com/events/224204365149268/ 



Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Terugkeer van economische vluchtelingen naar de Balkan:Boek "Barriers to (Re)integration: "The Roma Return to the Western Balkans"


 Hier vindt u een samenvatting: https://www.sussex.ac.uk/webteam/gateway/file.php?name=mwp95.pdf&site=252







Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Goed krantenartikel over de vraag wanneer iemand asiel zou kunnen krijgen vanwege huiselijk geweld (Met inleiding)

In het asielrecht werkt het zo dat iemand alleen een status op grond van de Vluchtelingenverdrag kan krijgen als diegene objectieve gegronde vrees heeft voor vervolging vanwege ras, nationaliteit, religie, politieke overtuigingen of het behoren tot een specifieke sociale groep. Als die vervolging niet door de overheid gebeurd maar door andere inwoners van het land - "derden" - dan wordt diegene die bang is geacht de hulp van de eigen overheid in te roepen en niet op een vliegtuig te stappen en elders hulp te gaan vragen. Maar als je aannemelijk kunt maken dat je eigen overheid je niet kunt of wilt beschermen dan kan je hukp vragen van een ander land en zo in aanmerking komen voor een asielstatus.

In het navolgende artikel wordt ingegaan op de zaak van de Saoedische tiener die deze week asiel kreeg in Canada na in Thailand gestrand te zijn. Je ziet hier dat het niet alleen om huiselijk geweld draait maar ook om het afzweren van een godsdienst. In het verre verleden werd na de val van de shah de situatie van vrouwen in het nieuwe streng Islamitische Iran niet gezien als "behorend bij een sociale groep".




Analyse Rahaf al-Qunun

Gewelddadige Saoedische familie? Niet vanzelf een grond voor asiel

Kan de Saoedische tiener ­Al-Qunun rekenen op asiel wegens bedreiging door haar familie? Veel immigratiediensten zien huiselijk geweld als privékwestie.
De Saoedische vrouw Rahaf Mohammed al-Qunun maandag in Bangkok. Beeld AP

Is huiselijk geweld een grond voor asiel? Die vraag is aan de orde, nu Rahaf Mohammed al-Qunun asiel heeft aangevraagd in Canada en inmiddels gekregen, zo heeft premier Justin Trudeau vrijdagavond be­vestigd. Volgens de Thaise immigratiedienst is zij vrijdag op het vliegtuig gestapt.

 Lees hier verder in de Volkskrant: https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/gewelddadige-saoedische-familie-niet-vanzelf-een-grond-voor-asiel~baa0138e/?

Sale Januari 2019


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Important information for British people living in The Netherlands


Both articles I copied from the governmental website of the IND. Make sure however that you are registered at your local Gemeentehuis and at the IND because to give you leave to remain the Dutch government has to know you were here before the UK left the EU.


Right of residence transition scheme for British citizens in the Netherlands

​The Dutch government has decided that, in the event of a no-deal Brexit, British citizens and their families who are lawfully resident in the Netherlands prior to 29 March will be entitled to live, work and study in the Netherlands for at least another 15 months.
This transition scheme will also apply to family members of British citizens who do not hold EU citizenship themselves.
During this 15-month period, the Dutch Immigration and Naturalisation Service (IND) will invite the roughly 45,000 British citizens who are lawfully resident in the Netherlands to apply for a permanent residence permit, which will be required after the transition period. The IND will stagger the invitations across the transition period, allowing all those affected to properly organise their future stay in the Netherlands. British citizens will be eligible for the permit if they meet the same residence conditions that apply to EU citizens.
Minister for Migration Harbers: "Even after Brexit, British citizens will still be most welcome to live, work and study in the Netherlands. It is therefore important for the EU and the UK to reach solid right of residence agreements. Because there is still no certainty regarding this, the IND has made adequate preparations in anticipation of a no-deal scenario. In the event of a no-deal Brexit, British citizens who are lawfully resident in the Netherlands will be allowed to continue living there for a period of 15 months. Although this takes away their most pressing concern in the short term, they will require a permanent residence permit after the transition period."
British citizens who decide to come to the Netherlands to live, work or study after Brexit have the option to apply for a residence permit as a third-country national. However, these applicants will be allowed to apply for a residence permit in the Netherlands and will be exempted from the authorisation for temporary stay (MVV) requirement, just like Americans, Canadians, Japanese and South Koreans.​

 https://ind.nl/en/news/Pages/Right-of-residence-transition-scheme-for-British-citizens-in-the-Netherlands.aspx


IND sends information letter to British nationals in the Netherlands

This week, IND is sending an information letter to the roughly 45,000 British nationals living in the Netherlands on how a potential no-deal Brexit would affect their right of residence.
On 7 January, the Dutch government decided that in the event of a no-deal Brexit, British citizens who are lawfully* resident in the Netherlands prior to 29 March will be entitled to live, work and study in the Netherlands for at least another 15 months. This transition scheme is important information for British nationals living in the Netherlands who are concerned about their right of residence in the event of a no-deal Brexit.

The information letter advises that during a transition period of 15 months, IND will invite British citizens lawfully resident in the Netherlands to submit an application for a permanent resident permit that will be required after this transition period. British citizens will be eligible for such a permit if they meet the same residence requirements that apply to EU citizens.

The letter is being sent to all British nationals and their family members who are registered in the Personal Records Database (Basisregistratie Personen or BRP).

The IND drafted the information letter in collaboration with other ministries. There are two versions of the letter. Both are available on ind.nl/Brexit.

Do you have any questions about the information letter?
More information, including Q & As, is available on ind.nl/Brexit.
In the news
 The Netherlands' transitional arrangements have been in the news over the past week. Among others, The Guardian and NOS (in Dutch) reported on the transition scheme in the event of a no-deal Brexit.

 https://ind.nl/en/news/Pages/IND-sends-information-letter-to-all-British-nationals-in-the-Netherlands.aspx


Sale Januari 2019


Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan wellicht nog meer artikelen op dit weblog die u zullen boeien. Kijk gerust eens rond. Zelf graag wat willen plaatsen? Mail dan webmaster@vreemdelingenrecht.com In verband met geldwolven die denken geld te kunnen claimen op krantenartikelen die op een blog als deze worden geplaatst maar na meestal een dag voor de krantenlezers aan leeswaardigheid hebben ingeboet terwijl wij vreemdelingenrecht specialisten ze soms wel nog jaren gebruiken om er een kopie van te maken voor een zaak ga ik over tot het plaatsen van alleen het eerste stukje. Ja ik weet het: de kans dat u doorklikt is geringer dan wanneer het hele artikel hier staat en een kopie van het orgineel maken handig kan zijn voor uw zaak. Wilt u zelf wat overnemen van dit weblog. Dat mag. Zet er alleen even een link bij naar het desbetreffende artikel zodat mensen niet alleen dat wat u knipt en plakt kunnen lezen maar dat ook kunnen doen in de context. Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Recente berichten


en meer

Vreemdelingenrecht.com blog Headline Animator

Lekker gemakkelijk: Neem een e-mail abonnement op deze blog

Leuk dat u vandaag deze weblog leest! Wist u dat u zich kan aanmelden voor een e-mail abonnement? Wanneer ik dan nieuwe berichten plaats krijgt u hooguit eens per dag een mailtje met een overzicht van de nieuwe berichten. Die berichten kunnen gaan over wat er in de krant staat over asielzoekers, migranten of politieke strubbelingen over het vreemdelingenbeleid, maar het kunnen ook interessante uitspraken van de rechtbank of de Raad van State betreffen of nieuw beleid van meneer Teeven. Een abonnement kost u niets. Het enige wat u hoeft te doen is op onderstaande link te klikken en later er om te denken dat u uw wens bevestigt (u krijgt hiervoor een engelstalig mailtje van feedburner dus let op uw spamfilter!!!!)

Subscribe to Vreemdelingenrecht.com blog by Email

Vreemdelingenrecht.com blog Headline Animator