Nieuwe Procedurerichtlijn moet op 20 juli 2015 zijn geïmplementeerd; grote wijzigingen voorzien in het vreemdelingenrecht
Op 20 juli 2015 moet de Nederlandse overheid de nieuwe procedurerichtlijn (Richtlijn 2013/32/EU) hebben geïmplementeerd in de nationale wetgeving. De procedurerichtlijn stelt minimumnormen voor de procedures voor toekenning of intrekking van de vluchtelingenstatus. De lidstaten mogen hier niet ten nadele van de vluchteling van afwijken. Meest in het oog springende verschil ten opzichte van de ‘oude’ procedurerichtlijn én ten opzichte van het huidige nationale recht is de vorm van de rechterlijke toetsing in beroepsprocedures. Tot op heden mag de rechter de geloofwaardigheid van het asielrelaas van de vluchteling slechts marginaal, zijnde zeer terughoudend toetsen. De toets van de geloofwaardigheid is nadrukkelijk voorbehouden aan de Staatssecretaris. Dit is na 20 juli 2015 verleden tijd; artikel 46, derde lid van de nieuwe Procedurerichtlijn schrijft een ‘daadwerkelijk rechtsmiddel en een volledig en ex nunc onderzoek van zowel de feitelijke als juridische gronden’ ...