Uitspraak visumzaak: als zelfs een achterblijvende man niet genoeg is wat dan wel?
In deze zaak heeft mevrouw een echtgenoot die thuis blijft maar de rechter oordeelt dat de IND dat onvoldoende mag vinden om geen vestigingsgevaar aan te moeten nemen. Laat ik eerst beginnen met wat uitleg: Bij het aanvragen van een visum voor kort verblijf is het zaak dat je de Nederlandse overheid er van overtuigt dat je ook netjes aan het eind van je vakantie, zakenreis of familiebezoek weer naar huis zult gaan. Dat er dus geen vestigingsgevaar is. Hoe doe je dat? Je toont aan dat je sociale en economische banden met je land van herkomst hebt. Wat zijn die economische banden bijvoorbeeld? Denk aan een baan, een huis, een spaarrekening, een lap grond. U moet daarvan wel het bewijs bijvoegen. Wat zijn sociale banden? Denk aan een echtgenoot, een oudere ouder, kinderen en dergelijke. Alles gezamenlijk moet de overheid dan overtuigen. Hier behandelt de rechter het punt voor punt. Mevrouw heeft zo te zien niets overgelegd aan economische banden en heeft al eerder afwijzin...