Posts

Er worden posts getoond met het label beginselen van behoorlijk bestuur

Bestuursrecht in 2018: wat staat ons te wachten?

Afbeelding
door: Amy Elzakkers , Arno Geleijnse , Irene van der Heijden en Jean-Paul Heinrich | 9 januari 2018 In dit bericht kijken wij graag vooruit naar het voorliggende bestuursrechtelijk jaar en bezien we welke ontwikkelingen wij in het bestuursrecht in 2018 verwachten. Dat doen wij door een aantal trends en rode draden aan te wijzen die van belang zijn of gaan worden voor de uitvoerings- en procespraktijk. Onze verwachtingen voor het komend bestuursrechtelijk jaar laten zich samenvatten in de volgende vier tendensen: (i) toenemende aandacht voor de belangen en mogelijkheden van de burger, (ii) digitalisering, (iii) indringender toetsing door de bestuursrechter en (iv) verdere ‘Unierechtelijke’ inkleuring van algemene beginselen van behoorlijk bestuu r. Lees hun artikel hier: https://blogbestuursrecht.nl/bestuursrechtelijke-ontwikkelingen-2018/ Interessant artikel? Deel het eens met uw netwerk en help mee met het verspreiden van de bekendheid van dit blog. Er staan...

Inreisverbod: vreemdeling moet kan krijgen aan tegeven waarom de duur van het verbod korter zou moeten zijn (uistpraak Raad van State)

Afbeelding
LJN: BX9306, Raad van State , 201204261/1/V4 Datum uitspraak: 28-09-2012 Datum publicatie: 05-10-2012 Rechtsgebied: Vreemdelingen Soort procedure: Hoger beroep 5.1. De Afdeling heeft over de duur van het inreisverbod eerder, bij uitspraken van 15 juni 2012 in zaken nrs. 201201202/1/V4 en 201202257/1/V3 (www.raadvanstate.nl), overwogen dat geen grond bestaat voor het oordeel dat de benadering van de minister, waarin hij behoudens het geval dat zich omstandigheden als bedoeld in het tweede tot en met zesde lid van artikel 6.5a van het Vreemdelingenbesluit 2000 dan wel bijzondere individuele omstandigheden voordoen - een inreisverbod voor twee jaar oplegt, in strijd is met tekst of strekking van de Terugkeerrichtlijn. Dit laat onverlet dat, zoals eveneens in deze uitspraken is overwogen, uit artikel 4:8, eerste lid, van de Awb, gelezen in samenhang met artikel 11, tweede lid, van de Terugkeerrichtlijn, voortvloeit dat de minister de betrokken vreemdeling in de gelegenheid moet s...